MIDD (van moederszijde geërfde Diabetes en Doofheid) 

MIDD is een syndroom waarbij perceptief gehoorverlies optreedt en diabetes door een defect in de insuline productie. De gemiddelde leeftijd bij aanvang is 30 jaar voor diabetes en 40 jaar voor perceptief gehoorverlies. Het voorkomen van MIDD wordt geschat op 0,5-3% van alle diabetes mellitus gevallen, het presenteert zich meestal als een vroeg begin van diabetes zonder overgewicht, snelle progressie naar insulinebehoefte, een hoge kans op vaatcomplicaties en nierfunctiestoornissen, en familiare voorgeschiedenis verdacht voor moederlijke overerving.

Wat zijn de symptomen?

Aangezien MIDD wordt veroorzaakt door een specifieke mtDNA mutatie (m.3243A>G), kunnen andere symptomen geassocieerd met deze mutatie optreden. Deze symptomen zijn onder andere: nierfunctiestoornissen, hartfalen, macula-retinale dystrofie van de ogen, korte gestalte, ptosis, myopathie, neuropathie, en ook het MELAS syndroom wat door dezelfde mutatie veroorzaakt wordt.

Wat is de oorzaak?

MIDD wordt veroorzaakt door de 3243A>G verandering in het mitochondriaal DNA.  Patiënten hebben de mutatie in heteroplastische vorm. Dit betekent dat er een mengsel van goed en slecht mitochondriaal DNA is. Over het algemeen is de verhouding van goed en slecht mitochondriaal DNA van invloed op de ernst van de symptomen. Om deze reden is het ziektebeeld variabel van helemaal geen symptomen (drager) tot heel ernstig. Er is een overlap met het ziektebeeld MELAS, wat door dezelfde verandering veroorzaakt wordt.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

De klinische diagnose kan worden gesteld op basis van de medische anamnese, lichamelijk onderzoek en DNA-onderzoek (bloed en urine).

Behandeling / Therapie

Er is op dit moment geen effectieve behandeling waarmee de gevolgen van mitochondriële ziekten kunnen worden bestreden. Wel kunnen symptomen soms met medicijnen bestreden worden. Zo kan bijvoorbeeld suikerziekte behandeld worden met medicijnen. De op dit moment beschikbare therapie is met name ondersteunend, goede controle door artsen en een dieet (voldoende inname, evt. na overleg met een diëtiste).

Soms worden carnitine, riboflavine, arginine (bij MELAS), co-enzym Q10 en/of andere supplementen voorgeschreven. Er is echter nog weinig bekend of deze middelen echt werken. Co-enzym Q10 zou mogelijk een goede behandeling zijn om het ontstaan van gehoorverlies en diabetes af te remmen (de behandeling bestaat dan uit 150 mg Co-enzym Q10 per dag). Maar er zijn weinig grote studies gedaan. Deze moeten nog worden gedaan om meer duidelijkheid over deze behandeling te krijgen. Onder andere in het Radboudumc, in Nijmegen, wordt er onderzoek gedaan naar (betere) medicijnen voor de aandoening.

Adviezen t.a.v. spiertraining

Bewegen is goed. Je kunt denken aan Aerobe training (wandelen, fietsen, zwemmen...). Het is de kunst om een goede balans in bewegen en rust te vinden. Bij het sporten is het goed dit gecontroleerd te doen, zodat er geen overbelasting optreedt. Hierbij kan het verstandig zijn de hulp van een fysiotherapeut in te schakelen. Om een goede balans te vinden tussen inspanning en rust kan het nuttig zijn om een ergotherapeut te raadplegen.

Medicatie die beter vermeden kan worden

Sommige medicijnen grijpen aan op de mitochondriën en kunnen daarom bij een vastgestelde mitochondriële ziekte beter niet gebruikt worden. Raadpleeg hiervoor uw behandelend arts.

Controles voor uzelf en uw kinderen

Omdat door de mitochondriële mutatie ook problemen met de suikerspiegel, hartspier en nierfunctie kunnen ontstaan, is het van belang om hiervoor controles te laten plaatsvinden.

Er zijn nog geen standaard richtlijnen voor mensen met MELAS/ MIDD of hun eerstegraads familieleden. Om deze reden is het goed om tenminste éénmaal door een specialist in mitochondriële ziekten gezien te worden (kinderarts, internist of neuroloog).

Overerving

Alleen vrouwen geven hun mitochondriën, en dus een fout in het mitochondriële DNA, door aan hun kinderen. Een man kan een fout in zijn mitochondriële DNA niet aan zijn kinderen doorgeven.

Een vrouw die draagster is van zowel afwijkend mtDNA als gezond mtDNA, kan beide aan haar kinderen doorgeven. Het aandeel afwijkend mtDNA bij het kind kan tussen de 0% en de 100% liggen. De kans op de ziekte bij het kind neemt toe, naarmate een hoger percentage is overgeërfd. Hoeveel afwijkend mtDNA een kind zal erven en de consequenties daarvan, zijn niet goed te voorspellen. Onderzoek naar de ziekte tijdens of vóór een zwangerschap is niet geheel betrouwbaar mogelijk.

Zie ook onze pagina over erfelijkheid. 

Consequenties voor familieleden

In de vrouwelijke lijn van een persoon met MELAS kunnen zowel mannen als vrouwen drager zijn van de afwijking in het mtDNA. Of zij klachten krijgen is met name afhankelijk van de hoeveelheid afwijkend mtDNA die zij hebben geërfd. Binnen een familie kunnen personen in verschillende mate aangedaan zijn. Een familielid van iemand met MELAS kan bijvoorbeeld alleen suikerziekte hebben als uiting van dragerschap.

Het is mogelijk om door middel van bloed- en urineonderzoek dragerschap te testen. Dragerschap volledig uitsluiten is moeilijk, omdat het niet mogelijk is om alle weefsels van iemand te onderzoeken.

Voor eerstegraads verwanten van iemand met MELAS adviseren wij een (tenminste) éénmalig bezoek aan een internist of kinderarts mitochondriële ziekten, bij voorkeur in een Universitair Medisch Centrum dat in mitochondriële ziekten gespecialiseerd is.

Voor de overige familieleden die drager kunnen zijn, geldt dat het belangrijk is om bij medische klachten te vermelden dat deze mitochondriële aandoening in de familie voorkomt. Dit kan van belang zijn bij de keuze van een behandeling of voor het vinden van de oorzaak van klachten. Ook adviseren we hen om jaarlijks een hartfilmpje (ECG) te laten maken en zich te laten controleren op suikerziekte.